ECLI:NL:GHARN:2004:AO9945
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.B.H. Röben
- mr Lamens
- mr Visser
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt ondernemerschap echtgenoot in gezamenlijke vof en wijst aftrek levensonderhoud schoonouders af
Belanghebbende en zijn echtgenote startten in 1997 een gezamenlijke vennootschap onder firma (vof) voor een schoonheids- en pedicuresalon. Belanghebbende verrichtte significante werkzaamheden en financierde investeringen uit eigen inkomen. De Inspecteur betwistte het ondernemerschap van belanghebbende en corrigeerde het belastbaar inkomen.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende zich vanaf het begin als medeondernemer heeft opgesteld en dat de verdeling van winst en verlies in de verhouding 70:30 redelijk is. De door belanghebbende opgevoerde beroepskosten werden grotendeels bevestigd, maar de aftrek wegens uitgaven voor het levensonderhoud van schoonouders werd afgewezen omdat niet aannemelijk was gemaakt dat zij behoeftig waren volgens de wettelijke maatstaven.
Verder werd de heffingsrente terecht in rekening gebracht en ondanks een procedurele tekortkoming bij de behandeling van het bezwaar door dezelfde ambtenaar, besloot het Hof de zaak zelf af te doen. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd en proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Het Hof stelt het ondernemerschap van belanghebbende vast en vermindert de aanslag, maar wijst de aftrek van uitgaven voor levensonderhoud van schoonouders af.