ECLI:NL:GHARN:2004:AP0041
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Steeg
- De Boer
- Tjittes
- Rechtspraak.nl
Vergoeding onrechtmatige daad bij nietige transportakte en hoofdelijkheid draagplicht
In deze civiele zaak staat de aansprakelijkheid centraal voor de schade die voortvloeit uit een nietige transportakte van een onroerende zaak. Appellant, een notaris, heeft een transportakte gepasseerd waarbij geïntimeerde zich voordeed als gevolmachtigde met een schriftelijke volmacht die later ongeldig werd verklaard. De bank stelde appellant aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door de nietigheid van de transportakte.
De rechtbank had de vordering van appellant jegens geïntimeerde afgewezen omdat onvoldoende was aangetoond dat geïntimeerde wist dat hij onbevoegd handelde. Echter, in een eerdere vrijwaringszaak was vastgesteld dat geïntimeerde wel degelijk wist dat hij onbevoegd handelde, hetgeen bindende kracht heeft.
Het hof oordeelt dat appellant en geïntimeerde hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade van de bank en dat de onderlinge draagplicht op grond van de ernst van de fouten volledig op geïntimeerde rust. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt geïntimeerde tot betaling van €64.663,68 plus wettelijke rente aan appellant, met uitvoerbaarheid bij voorraad.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van €64.663,68 plus wettelijke rente aan appellant wegens onrechtmatige daad.