ECLI:NL:GHARN:2004:AP0080
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Heisterkamp
- Valk
- Van den Dungen
- Jansens van Gellicum
- Duenk
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling pachter tot verkoop van melkquotum onder afdracht helft opbrengst aan verpachter
In deze zaak vordert de pachter een verklaring voor recht dat hij het met het gepachte samenhangende melkquotum vrij mag verkopen onder afdracht van de helft van de opbrengst aan de verpachter. Het geschil betreft de vraag of de hoofdregel dat het melkquotum aan het einde van de pacht aan de verpachter toekomt, kan worden doorbroken vanwege bijzondere omstandigheden.
Het hof bevestigt de hoofdregel dat zonder medewerking van de verpachter het melkquotum niet vervreemd mag worden, ook niet bij afdracht van de helft van de opbrengst. Echter, het hof oordeelt dat de pachter een reëel en substantieel belang heeft bij vervreemding vanwege politieke ontwikkelingen die structureel verleasen onmogelijk maken, terwijl de verpachters hun belang niet concreet onderbouwen.
Daarom wijst het hof de vordering toe met beperkingen: de verpachters krijgen ten minste de helft van de verkeerswaarde van het melkquotum bij verkoop, en de pachter draagt de kosten van vervreemding. De vordering tot ontbinding van de pacht door de verpachters is afgewezen in een andere procedure. Het hof veroordeelt de verpachters in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof verklaart dat de pachter het melkquotum mag verkopen onder afdracht van minimaal de helft van de verkeerswaarde aan de verpachter, met kosten voor vervreemding voor rekening van de pachter.