ECLI:NL:GHARN:2004:AP0132
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Valk
- Brussaard
- Van den Dungen
- Jansens van Gellicum
- Duenk
- Rechtspraak.nl
Toewijzing indeplaatsstelling zoon als pachter bij beëindiging pachtovereenkomst
In deze zaak stond de vraag centraal of de zoon van geïntimeerde in de plaats van zijn vader als pachter kon worden gesteld na opzegging van de pachtovereenkomst door appellanten, erfgenamen van de vorige verpachter. Appellanten betwistten de geschiktheid van de zoon vanwege zijn gebrek aan praktische ervaring, scholing en financiële draagkracht.
Het hof oordeelde dat de zoon, ondanks zijn voltijdbaan bij een hoveniersbedrijf en beperkte praktische ervaring in de veehouderij, voldoende waarborgen biedt voor een behoorlijke bedrijfsvoering. Zijn opleiding, leidinggevende ervaring en de mogelijkheid om praktische kennis op te doen, werden als voldoende geacht. Ook was er geen aanleiding om te twijfelen aan zijn financiële mogelijkheden.
Appellanten voerden verder aan dat de bestemming van het gepachte was gewijzigd zonder hun instemming, maar deze grief werd als te laat en onvoldoende onderbouwd verworpen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de pachtkamer en veroordeelde appellanten in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De zoon van geïntimeerde wordt in de plaats van zijn vader als pachter gesteld.