ECLI:NL:GHARN:2004:AP0301
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gezamenlijke huishouding en tariefgroepindeling bij navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2000
Belanghebbende was sinds 1996 gehuwd en het huwelijk werd in 2000 ontbonden volgens het Huwelijksbesluit Mohamedanen Suriname, met een scheiding van tafel en bed uitgesproken door de rechtbank. Zij heeft een dochter geboren in 1998. Bij de aangifte inkomstenbelasting 2000 vroeg belanghebbende om indeling in tariefgroep 4 met alleenstaande-ouderaftrek.
De Inspecteur stelde een navorderingsaanslag vast waarbij de tariefgroep werd gewijzigd naar tariefgroep 2, omdat belanghebbende volgens de Inspecteur gedurende meer dan zes maanden in 2000 een gezamenlijke huishouding voerde met haar echtgenoot. Het hof definieerde een gezamenlijke huishouding als het samenwonen op hetzelfde adres met wederzijdse zorg en kostenbijdrage.
Belanghebbende kon niet aannemelijk maken dat haar echtgenoot na terugkeer uit Suriname op een ander adres woonde of een eigen huishouding voerde. Ook was niet voldoende aannemelijk dat een daadwerkelijke scheiding en deling van de huwelijksgoederengemeenschap had plaatsgevonden. Het hof concludeerde dat belanghebbende met haar echtgenoot een gezamenlijke huishouding voerde, waardoor de alleenstaande-ouderaftrek niet van toepassing was.
Het beroep tegen de navorderingsaanslag werd daarom ongegrond verklaard. Het hof wees proceskostenveroordeling af wegens ontbreken van termen daarvoor. De uitspraak werd mondeling gedaan en schriftelijk bevestigd op 13 mei 2004.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2000 is ongegrond verklaard.