ECLI:NL:GHARN:2004:AR4669
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- Houtman
- Van der Kwaak
- Hilverda
- Rechtspraak.nl
Ontruiming asielzoeker uit AZC vanwege beëindiging verstrekkingen en spoedeisend belang COA
In deze zaak stond centraal of het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) voldoende spoedeisend belang had bij zijn vordering tot ontruiming van een asielzoeker uit het AZC, terwijl de asielzoeker zich beroept op zijn belang bij voortzetting van de opvang en zijn recht op family life onder artikel 8 EVRM Pro.
De asielzoeker verbleef zonder recht of titel in het AZC nadat de verstrekkingen aan hem waren beëindigd. Het COA stelde dat de opvangcapaciteit beperkt is en dat ontruiming noodzakelijk is om opvangplaatsen vrij te maken voor anderen die daar wel recht op hebben. De voorzieningenrechter had dit spoedeisend belang onvoldoende aannemelijk geacht, mede omdat niet was bewezen dat door ontruiming extra plaatsen vrijkomen.
Het hof stelde vast dat het COA aantoonde dat de opvangcapaciteit per saldo sterk was afgenomen en dat ontruiming noodzakelijk is om overheidsgelden zorgvuldig te besteden. Tevens oordeelde het hof dat de asielzoeker onvoldoende feiten had gesteld om aan te tonen dat ontruiming een inmenging in zijn recht op family life zou betekenen. Het beroep van de asielzoeker werd daarom verworpen en het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd. De asielzoeker werd veroordeeld om de gebruikte ruimten binnen drie dagen te verlaten en ontruimd te houden, met machtiging voor het COA om dit met de sterke arm af te dwingen.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de asielzoeker tot ontruiming van het AZC binnen drie dagen en wijst de vordering van het COA toe.