ECLI:NL:GHARN:2004:AR5323
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hypotheekrenteaftrek geweigerd wegens onvoldoende verband met woningverbouwing
Belanghebbende is eigenaar van een eigen woning en heeft in 1998 zijn hypothecaire lening aanzienlijk verhoogd. Hij bracht de betaalde rente in aftrek bij zijn aangifte inkomstenbelasting 2001. De Inspecteur weigerde echter een bedrag van €15.247 aan hypotheekrenteaftrek wegens onvoldoende verband met de woningverbouwing.
Belanghebbende voerde aan dat de leningverhoging was gebruikt voor onderhoud en verbetering van de woning, ondersteund door foto's, een schatting van de verbouwingskosten en een uitnodiging tot bezichtiging. De Inspecteur erkende de verbouwing maar betwistte het verband tussen de lening en de uitgaven.
Het hof stelde vast dat een groot deel van de verbouwingskosten al vóór 1998 uit eigen middelen was betaald en dat een deel van de lening was gebruikt voor de aankoop van een effectenportefeuille. Voor de verbouwingswerkzaamheden na 1998 was onvoldoende bewijs van daadwerkelijke uitgaven geleverd. Hierdoor ontbrak het noodzakelijk causaal verband tussen lening en uitgaven.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de Inspecteur de hypotheekrenteaftrek terecht had geweigerd. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de weigering van hypotheekrenteaftrek door de Inspecteur bevestigd.