ECLI:NL:GHARN:2004:AR7232
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.M. de Kroon
- mr. Röben
- mr. Lamens
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt niet-ontvankelijkheid aftrek meewerkbeloning echtgenote in inkomstenbelasting 1993
Belanghebbende betoogde dat de Inspecteur in 1994 had toegezegd dat de aan zijn echtgenote betaalde beloning voor achterwachtdiensten in 1993 als aftrekbare kosten kon worden beschouwd. Hij stelde dat hij op grond van deze toezegging erop mocht vertrouwen dat deze kosten in mindering konden worden gebracht op zijn inkomen. De Inspecteur ontkende deze toezegging en verwees naar eerdere standpunten en correspondentie waarin werd bevestigd dat de beloning niet aftrekbaar was en bij de echtgenote niet belastbaar.
Het Hof onderzocht de feiten, waaronder eerdere uitspraken van het Hof Amsterdam en de Hoge Raad over de jaren 1992 en 1993, en concludeerde dat de stelling van belanghebbende over de toezegging niet geloofwaardig was. De Inspecteur had consistent het standpunt ingenomen dat de beloning niet aftrekbaar was, en de aanslag bij de echtgenote was opgelegd ter behoud van rechten.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende redelijkerwijs had moeten begrijpen dat zijn interpretatie van de gesprekken met de Inspecteur niet strookte met het werkelijke standpunt. Het beroep werd slechts gegrond verklaard voor zover de aanslag na het eerdere beroep was verminderd bij ambtshalve beschikking. De proceskosten werden toegewezen aan verweerder.
Uitkomst: Het Gerechtshof handhaaft de aanslag inkomstenbelasting 1993 en wijst het beroep slechts gedeeltelijk toe.