ECLI:NL:GHARN:2004:AT7395
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van der Weij
- Smeeïng-Van Hees
- Groen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende inzet en frauduleuze schulden
De schuldenaar heeft bij de rechtbank te Arnhem verzocht om toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling, welke door de rechtbank is afgewezen. In hoger beroep handhaaft het gerechtshof deze beslissing. De schuldenaar heeft een aanzienlijke schuldenlast, waaronder recente frauduleuze schulden aan de gemeente en het CJIB. Deze schulden zijn mede ontstaan doordat hij inkomsten uit arbeid niet heeft gemeld terwijl hij een uitkering ontving.
Het hof constateert dat de schuldenaar zijn stelling dat hij eerdere schulden uit zijn ontbonden huwelijk heeft afgelost niet met documentatie heeft onderbouwd. Ook ontbreekt inzicht in aflossingen op de later ontstane schulden. De motivatie van de schuldenaar om te gaan werken wordt onvoldoende aangetoond, mede gelet op een gekorte uitkering wegens onvoldoende medewerking aan arbeidsmogelijkhedenonderzoek.
Hoewel het hof erkent dat toepassing van de schuldsaneringsregeling in de toekomst mogelijk is, acht het de huidige situatie niet rijp voor toelating. De schuldenaar moet aantoonbaar en concreet resultaat laten zien, zoals regelmatige aflossing of voldoende inspanningen om betaald werk te verrichten. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.