ECLI:NL:GHARN:2004:BX2029
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Heisterkamp
- Valk
- Van den Dungen
- Jansens van Gellicum
- Hamelink
- Rechtspraak.nl
Ontbinding pachtovereenkomst wegens onvoldoende persoonlijke betrokkenheid pachter
In deze zaak stond de vraag centraal of de pachtovereenkomst ontbonden kon worden wegens het ontbreken van voldoende persoonlijke betrokkenheid van de pachter bij de exploitatie van het gepachte. De appellant was naar Nieuw-Zeeland verhuisd maar stelde dat hij nog steeds voldoende betrokken was door zijn pendel tussen Nieuw-Zeeland en Nederland en toezicht door zijn schoonvader.
Het hof oordeelde dat appellant onvoldoende concreet had onderbouwd hoe zijn betrokkenheid vorm kreeg, met name over de aard van zijn activiteiten in Nederland en de frequentie van zijn aanwezigheid. De eis van persoonlijke betrokkenheid werd bevestigd als een redelijke en niet verouderde eis, mede vanwege de belangen van de wederpartij.
Verder werd overwogen dat het feit dat de appellant mogelijk meewerkt aan een bestemmingswijziging en verkoop van het gepachte niet zonder meer ontbinding in de weg staat. Het hof bekrachtigde het vonnis van ontbinding van de pachtovereenkomst en veroordeelde appellant tot betaling van een bedrag aan geïntimeerden, met terugwijzing naar de pachtkamer voor verdere beoordeling.
De kosten van het hoger beroep werden aan appellant opgelegd. Het arrest werd gewezen door een meervoudige kamer van het gerechtshof Arnhem op 4 mei 2004.
Uitkomst: De ontbinding van de pachtovereenkomst wordt bekrachtigd wegens onvoldoende persoonlijke betrokkenheid van de pachter.