ECLI:NL:GHARN:2005:AS9897
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Houtman
- Smeeïng-Van Hees
- Korthals Altes
- Rechtspraak.nl
Rechthebbende op het merk FREAKS voor kledingstukken in de Benelux
In deze zaak staat centraal wie de rechthebbende is van het merk FREAKS voor kledingstukken in de Benelux. Appellanten betwistten het merkrecht van geïntimeerde sub 1 en stelden dat het depot te kwader trouw was, omdat zij het merk eerder en te goeder trouw gebruikten.
Het hof stelde vast dat het eerste geldige merkdepot werd gedaan door Overseas Scholten B.V. in opdracht van geïntimeerde sub 1 op 5 augustus 2002, terwijl appellanten pas later een depot deden dat niet tot inschrijving leidde. De stellingen en bewijsstukken van geïntimeerden toonden aan dat zij reeds vóór het eerste contact met appellanten FREAKS-kleding verhandelden. Het hof kon in kort geding geen kwade trouw vaststellen en ging uit van de rechtsgeldigheid van het merkrecht van geïntimeerde sub 1.
De auteursrechtelijke vorderingen van appellanten op de modellen van skatebroeken werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Ook de vordering tot betaling van een bedrag op basis van facturen werd niet toegewezen wegens onvoldoende waarschijnlijkheid. Het gevorderde voorschot op schadevergoeding werd eveneens afgewezen wegens gebrek aan financiële onderbouwing.
Het hof matigde de buitengerechtelijke incassokosten van € 2.400 naar € 904 conform het toepasselijke liquidatietarief. Daarnaast werd appellanten bevolen om kopieën van aangetekende brieven en een lijst van geadresseerden aan de advocaat van geïntimeerden te verstrekken. Het vonnis van de voorzieningenrechter werd in het overige bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt het merkrecht van geïntimeerde sub 1 en wijst de vorderingen van appellanten af, behalve matiging van buitengerechtelijke kosten.