ECLI:NL:GHARN:2005:AT9863
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Heisterkamp
- Valk
- Frankena
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over borgtochtovereenkomst en toestemming echtgenote volgens artikel 1:88 BW
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of de Volksbank terecht een borgtochtsovereenkomst kon afdwingen zonder toestemming van de echtgenote van de borgsteller, [appellant]. [Appellant] had namens zijn vennootschap een krediet afgesloten en zich borg gesteld, maar zijn echtgenote had de borgtocht vernietigd op grond van artikel 1:88 BW Pro, dat het toestemmingsvereiste regelt.
De rechtbank had de vordering van de Volksbank deels toegewezen, maar het hof oordeelde dat de bank als grensstreekbank na een eerdere uitspraak uit 1986 meer alert had moeten zijn op het toestemmingsvereiste bij borgtochten met in Nederland wonende Nederlanders. De Volksbank kon niet aantonen dat zij destijds maatregelen had genomen om dit te waarborgen.
Het hof stelde vast dat de uitzonderingen op het toestemmingsvereiste niet van toepassing waren en dat de echtgenote de borgtocht rechtsgeldig had vernietigd. Daarom wees het hof de vordering van de Volksbank af, vernietigde de eerdere vonnissen en veroordeelde de bank in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van de Volksbank af en vernietigt de eerdere vonnissen.