ECLI:NL:GHARN:2006:AV1397
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- Wefers Bettink
- Groefsema
- Van der Bel
- Rechtspraak.nl
Beëindiging huurovereenkomst medehuurders zelfstandige woonruimte vereist gezamenlijke opzegging
In deze zaak stond centraal of de verhuurder een huurovereenkomst met meerdere huurders van zelfstandige woonruimte individueel kon beëindigen of dat opzegging slechts collectief mogelijk was. De verhuurder had aan enkele huurders brieven gestuurd om de huurovereenkomst te beëindigen, maar het hof oordeelde dat dit niet voldeed aan de vereiste gezamenlijke opzegging aan alle huurders.
Het hof stelde vast dat sprake was van contractuele medehuur waarbij alle huurders gezamenlijk de woning huren en gezamenlijk de huur betalen. De bepalingen in de huurovereenkomst, waaronder het coöptatierecht, wezen niet op afzonderlijke individuele huurovereenkomsten per kamer, maar op één gezamenlijke overeenkomst.
De verhuurder had onvoldoende en ongemotiveerd bezwaar gemaakt tegen nieuwe huurders en kon daardoor de vorderingen tot ontruiming niet baseren op individuele beëindiging. Het hof vernietigde het vonnis van de voorzieningenrechter en wees de vorderingen van de verhuurder af, waarbij de verhuurder werd veroordeeld in de kosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de verhuurder tot ontruiming af en veroordeelt hem in de kosten.