ECLI:NL:GHARN:2006:AV1683
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Frankena
- Van Osch
- Oldenhuis
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig handelen als vermogensbeheerder zonder vergunning jegens beleggers
Appellanten hebben geïntimeerde aangesproken wegens het zonder vergunning optreden als vermogensbeheerder en het daardoor geleden verlies op hun effectenrekening. Geïntimeerde voerde aan dat hij niet beroeps- of bedrijfsmatig handelde en dat de overeenkomst niet nietig was. Het hof stelde vast dat geïntimeerde als vermogensbeheerder optrad, bedrijfsmatig handelde en zonder vergunning handelde in strijd met de Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Wte 1995).
Het hof oordeelde dat de overeenkomst niet nietig of vernietigbaar is, omdat de Wte 1995 niet strekt tot het aanvechten van de geldigheid van de overeenkomst, maar wel beschermt tegen ondeskundig handelen. Het handelen van geïntimeerde was onrechtmatig jegens appellanten omdat hij zonder vergunning diensten verrichtte die vergunningplichtig zijn.
De zaak wordt verwezen voor een deskundigenbericht om de omvang van de schade vast te stellen, mede met betrekking tot de verkoop van effecten en het beëindigen van de rekening. Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over deskundigen en vordering. De procedure wordt aangehouden voor verdere beslissing.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat geïntimeerde zonder vergunning als vermogensbeheerder onrechtmatig heeft gehandeld jegens appellanten en verwijst de zaak voor deskundigenbericht ter vaststelling van de schade.