ECLI:NL:GHARN:2006:AV2332
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van Loo
- Knottnerus
- Wefers Bettink
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kennelijk onredelijk ontslag na beëindiging dienstverband wegens bedrijfseconomische omstandigheden
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of het ontslag van de werknemer door de werkgever kennelijk onredelijk was. De werknemer, die ruim 12,5 jaar in dienst was en kort tevoren haar jubileum had gevierd, werd ontslagen wegens negatieve bedrijfseconomische ontwikkelingen binnen de onderneming van de werkgever.
De werknemer betwistte de redelijkheid van het ontslag en voerde meerdere grieven aan tegen het vonnis van de kantonrechter. Zij stelde onder meer dat de afvloeiingsregeling onvoldoende was, dat het ontslag onverwacht kwam en dat de financiële situatie van de onderneming niet juist was weergegeven.
Het hof oordeelde dat de werkgever zorgvuldig had gehandeld door het ontslag pas na het jubileum aan te kondigen en dat de afvloeiingsregeling redelijk was gezien de financiële situatie van de onderneming. De door de werknemer aangevoerde feiten en omstandigheden konden niet leiden tot het oordeel dat het ontslag kennelijk onredelijk was. Ook werd geoordeeld dat de werknemer onvoldoende had onderbouwd dat zij daadwerkelijk geen nieuwe baan zou vinden.
Uiteindelijk werden alle grieven van de werknemer verworpen en werd het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en oordeelt dat het ontslag niet kennelijk onredelijk is.