ECLI:NL:GHARN:2006:AV7406
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Verheugt
- Besier
- Lauwaars
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid OM bij schending toezeggingsbeginsel in hoger beroep TBS-verlenging
In deze zaak ging het om een hoger beroep van het Openbaar Ministerie tegen de afwijzing van een verlenging van een terbeschikkingstelling (TBS) door de rechtbank Rotterdam. De officier van justitie had aan de verdediging op 9 januari 2006 onvoorwaardelijk en uitdrukkelijk toegezegd geen hoger beroep te zullen instellen. Deze toezegging werd door het hof als een objectief gerechtvaardigde verwachting bij betrokkene aangemerkt.
Desondanks stelde de officier van justitie op 10 januari 2006 toch hoger beroep in, na aandringen van het Forensisch Psychiatrisch Instituut "De Rooyse Wissel" vanwege het recidivegevaar bij plotselinge ontslag zonder nazorg. Het hof oordeelde dat dit handelen in strijd was met de beginselen van een goede procesorde en het vertrouwensbeginsel schond.
Het hof stelde dat in beginsel een dergelijke schending leidt tot niet-ontvankelijkheid van het OM in het hoger beroep, tenzij zwaarwegende belangen zich hiertegen verzetten. Deze zwaarwegende belangen werden niet aangetoond. Daarom werd het hoger beroep van het OM niet-ontvankelijk verklaard.
De beslissing werd uitgesproken op 28 maart 2006 door het Gerechtshof Arnhem. De zaak illustreert het belang van het vertrouwensbeginsel en de goede procesorde in het strafprocesrecht, vooral bij toezeggingen door het OM aan verdachten.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk wegens schending van het vertrouwensbeginsel.