ECLI:NL:GHARN:2006:AW3521
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Vegter
- Stikkelbroeck
- Lauwaars
- Rechtspraak.nl
Verlenging terbeschikkingstelling wegens opzettelijk brandstichten met levensgevaar
Betrokkene werd terbeschikking gesteld na het opzettelijk stichten van brand op het Binnenhof te ’s-Gravenhage, waarbij een auto in brand werd gestoken en levensgevaar voor aanwezige personen werd veroorzaakt. De raadsman voerde aan dat verlenging van de terbeschikkingstelling niet mogelijk was op grond van artikel 38e, eerste lid, Wetboek van Strafrecht, omdat de maximale duur van vier jaar niet overschreden mag worden tenzij het delict gericht is tegen de onaantastbaarheid van het lichaam.
Het hof oordeelde dat het bewezen delict, opzettelijk brandstichten met levensgevaar, onder deze uitzondering valt. Uit het verlengingsadvies bleek dat betrokkene lijdt aan paranoïde schizofrenie, een hoge recidivekans heeft en geen ziektebesef toont, terwijl hij antipsychotische medicatie weigert. Gezien het blijvende delictgevaar en de noodzaak van langdurige zorg en begeleiding achtte het hof verlenging met twee jaar noodzakelijk.
De beslissing van de rechtbank tot verlenging werd vernietigd en de terbeschikkingstelling werd met twee jaar verlengd. De uitspraak werd gedaan door het hof Arnhem op 24 april 2006.
Uitkomst: De terbeschikkingstelling van betrokkene is met twee jaar verlengd wegens opzettelijk brandstichten met levensgevaar.