ECLI:NL:GHARN:2006:AY8006
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van den Brink
- Mannoury
- Van der Pol
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering voortzetting onderhandelingen aandelenverkoop na overlijden bestuurder
In deze zaak vordert geïntimeerde dat appellante wordt veroordeeld om de onderhandelingen over de verkoop van aandelen in [A] B.V. voort te zetten op basis van het besprekingsverslag van 26 februari 1999. De onderhandelingen waren destijds gestopt na het overlijden van de enige bestuurder en aandeelhouder van appellante.
Het hof verwijst naar eerdere uitspraken, waaronder het arrest van de Hoge Raad van 8 april 2005, waarin is vastgesteld dat er geen overeenkomst tot stand is gekomen. De feiten die daaraan ten grondslag liggen, blijven ongewijzigd. Geïntimeerde stelt dat voortzetting van de onderhandelingen op basis van het besprekingsverslag bindend is, maar het hof oordeelt dat dit niet kan omdat het verslag geen overeenkomst vertegenwoordigt en de omstandigheden sindsdien aanzienlijk zijn veranderd.
Het hof wijst de vordering af en vernietigt de eerdere vonnissen van de rechtbank Breda. Geïntimeerde wordt veroordeeld in de proceskosten van zowel eerste aanleg als hoger beroep. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vorderingen tot voortzetting van de onderhandelingen worden afgewezen en geïntimeerde wordt veroordeeld in de proceskosten.