ECLI:NL:GHARN:2006:AZ3369
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- M. Barels
- E.P.R. Sutorius
- E. van der Herberg
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs medeplichtigheid aan mensenhandel
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplichtigheid aan mensenhandel, waarbij hij werd verweten hand- en spandiensten te hebben verricht voor vrouwen die onvrijwillig in de prostitutie werkzaam waren. Verdachte erkende de feitelijke handelingen zoals het vervoeren van vrouwen en het ophalen van geld, maar ontkende kennis te hebben gehad van hun onvrijwillige situatie.
Het hof heeft het bewijs zorgvuldig gewogen, waaronder verklaringen van slachtoffers en getuigen, processen-verbaal en bandopnames van verhoren. Hoewel er aanwijzingen waren over de omstandigheden van de vrouwen, was het hof niet overtuigd dat verdachte wist dat deze vrouwen gedwongen waren tot prostitutie. De discrepanties tussen verklaringen en processen-verbaal werden niet als doorslaggevend beoordeeld.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde medeplegen en medeplichtigheid aan mensenhandel. Het hoger beroep van het Openbaar Ministerie was slechts gericht op de strafmaat, maar aangezien het hof het bewijs onvoldoende achtte, werd verdachte vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij wist dat vrouwen onvrijwillig in de prostitutie werkten.