ECLI:NL:GHARN:2006:AZ3939
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Fokker
- Wefers Bettink
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontbinding huurovereenkomst wegens hennepkwekerij op gehuurd terrein
In deze civiele zaak stond de ontbinding van een huurovereenkomst centraal, nadat in de schuur bij de woning van appellant een hennepkwekerij werd aangetroffen. Appellant stelde dat zijn buurman zonder zijn medeweten de kwekerij had ingericht en dat hem daarom geen verwijt kon worden gemaakt. De kantonrechter had de huurovereenkomst ontbonden en ontruiming bevolen.
In hoger beroep voerde appellant vijf grieven aan en verzocht het hof de vorderingen van Beter Wonen af te wijzen of niet-ontvankelijk te verklaren. Het hof stelde vast dat het inrichten en in stand houden van een hennepkwekerij in strijd is met de huurovereenkomst en een tekortkoming vormt die ontbinding rechtvaardigt. De stelling van appellant dat de buurman de kwekerij zonder zijn medeweten had ingericht, werd door Beter Wonen gemotiveerd betwist.
Het hof vond geen bewijs voor de stelling van appellant, ook niet uit getuigenverklaringen. De enkele aanwezigheid van een ruimte tussen de schuur en de erfafscheiding leidde niet tot de conclusie dat de buurman toegang had verschaft. Het hof oordeelde dat, ook als appellant niet wist van de kwekerij, deze is ingericht door iemand met zijn medeweten en goedvinden, waardoor appellant aansprakelijk is op grond van artikel 7:219 BW Pro.
De grieven faalden en het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontbinding van de huurovereenkomst en veroordeelt appellant tot ontruiming en kostenbetaling.