ECLI:NL:GHARN:2006:AZ6247
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Mannoury
- Groen
- Van den Brink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vergoeding en onrechtmatige belemmering bij vestiging erfdienstbaarheid trappenhuis appartementen
In deze civiele zaak staat de vestiging van een erfdienstbaarheid over het trappenhuis van appartementen centraal. Appellant had een conceptakte opgesteld waarin was bepaald dat hij een eenmalige vergoeding aan Haverkamp B.V. moest betalen voor het vestigen van deze erfdienstbaarheid, een recht dat niet overging op de rechtsopvolgers, de geïntimeerden. Geïntimeerden hadden de conceptakte geparafeerd en werden geacht hiermee akkoord te zijn gegaan.
Appellant betaalde de vergoeding aan Haverkamp B.V., maar geïntimeerden vorderden een aanvullende redelijke vergoeding voor hun medewerking aan de vestiging. Het hof oordeelde dat geïntimeerden geen aanspraak konden maken op deze vergoeding omdat zij als rechtsopvolgers van Haverkamp B.V. geen recht hadden op de vergoeding die strikt persoonlijk was toegekend.
Daarnaast stelde appellant dat geïntimeerden onrechtmatig hadden gehandeld door de uitvoering van werkzaamheden die nodig waren voor de erfdienstbaarheid te belemmeren, wat leidde tot schade. Het hof stelde vast dat geïntimeerden deze werkzaamheden inderdaad hadden belemmerd en veroordeelde hen hoofdelijk tot vergoeding van de door appellant geleden schade van €7.519,26, vermeerderd met wettelijke rente.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht door te verklaren dat appellant geen vergoeding aan geïntimeerden verschuldigd is en door geïntimeerden te veroordelen tot schadevergoeding wegens onrechtmatige belemmering. Tevens werden de proceskosten aan geïntimeerden opgelegd.
Uitkomst: Appellant is geen vergoeding aan geïntimeerden verschuldigd en geïntimeerden worden hoofdelijk veroordeeld tot schadevergoeding van €7.519,26 plus wettelijke rente.