ECLI:NL:GHARN:2007:BA3360
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Fokker
- Wefers Bettink
- Kat
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over onrechtmatig handelen en goed werkgeverschap Randstad bij beëindiging detachering
In deze civiele zaak stond centraal of Randstad onrechtmatig had gehandeld en zich als goed werkgever had gedragen jegens [appellante] bij de beëindiging van haar detachering bij de gemeente en de daaropvolgende arbeidsrelatie. [appellante] stelde dat Randstad onvoldoende haar belangen had behartigd, mede door het niet verstrekken van een brief van de gemeente en het meewerken aan de beëindiging vanwege haar relatie met een bestuurder.
De feiten tonen aan dat de gemeente als opdrachtgever eenzijdig de detachering kon beëindigen en Randstad dit niet kon verhinderen. Randstad heeft [appellante] daarna bij andere opdrachtgevers gedetacheerd en haar loon doorbetaald tot het einde van de arbeidsovereenkomst. De rechtbank had eerder geoordeeld en het hof bevestigde dat er onvoldoende feiten waren om onrechtmatig handelen of slecht werkgeverschap aan te nemen.
Het hof overwoog dat de stellingen van [appellante] onvoldoende waren onderbouwd, dat het functioneren van [appellante] niet ter discussie stond en dat Randstad niet verplicht was de brief van de gemeente te verstrekken. Ook was er geen duidelijk causaal verband tussen het handelen van Randstad en de door [appellante] gestelde schade. Daarom werd het vonnis van de rechtbank bekrachtigd en [appellante] veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van [appellante] af.