ECLI:NL:GHARN:2007:BA5754
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Makkink
- Van Ginkel
- Sprenger
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en vaststelling saneringskosten bij tekortkoming in koop onroerende zaak met olietank
In deze schadestaatprocedure gaat het om de vaststelling van de omvang van de schadevergoeding die appellant aan geïntimeerde moet betalen wegens een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van een koopovereenkomst. Appellant leverde een onroerende zaak met een ondergrondse olietank die niet op de voorgeschreven wijze was onklaar gemaakt.
Het hof overweegt dat de saneringskosten moeten worden vastgesteld op basis van de redelijke wijze van uitvoering en de wettelijke eisen, waarbij de beschikking van Gedeputeerde Staten Zuid-Holland over de ernst en urgentie van de bodemverontreiniging leidend is. Het door appellant ingediende saneringsplan en de kostenraming van € 25.000,- zijn niet bindend voor geïntimeerde, die ook niet gehouden is appellant de sanering zelf te laten uitvoeren.
De rechtbank had de saneringskosten vastgesteld op circa € 70.000,- inclusief bijkomende kosten en daarnaast een bedrag van ruim € 10.000,- voor juridische en milieukundige bijstand toegewezen. Het hof oordeelt dat deze vaststelling niet onredelijk is en wijst de grieven van appellant af. Ook de kosten van het milieukundig onderzoek zijn redelijk en komen voor vergoeding in aanmerking.
Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen het vonnis van 15 februari 2006 en in zijn vordering tot verklaring voor recht. Het hof bekrachtigt het vonnis van 24 mei 2006 en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat appellant aansprakelijk is voor saneringskosten en kosten milieukundig onderzoek en veroordeelt hem in de kosten van het hoger beroep.