ECLI:NL:GHARN:2007:BB0528
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- Mannoury
- Van Rossum
- Quint
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot boete en staken onrechtmatige concurrentie wegens schending relatiebeding
In deze zaak stond de schending van een relatiebeding en onrechtmatige concurrentie centraal. Appellanten werden in eerste aanleg veroordeeld tot betaling van een boete en het staken van concurrerende activiteiten jegens vaste klanten van Tyco. Het hof bevestigde dat appellant sub 1 het relatiebeding heeft geschonden door zakelijk contact te onderhouden met een klant van Tyco, maar verwierp een verlenging van het beding. Daarnaast oordeelde het hof dat appellant sub 1 niet verplicht kan worden tot het staken van concurrerende activiteiten op basis van een vermeende samenwerking met appellant sub 2.
Ten aanzien van appellant sub 2 stelde het hof vast dat hij onrechtmatige concurrentie pleegde door met gebruikmaking van kennis en relaties opgedaan bij Tyco vaste klanten te benaderen met zijn eigen onderneming. Dit werd onderbouwd met een verkoopplan en concrete contacten met klanten tijdens en na zijn dienstverband. Het hof legde een stakingsgebod op voor een periode van één jaar na uitdiensttreding.
Verder werd appellant sub 2 gedeeltelijk veroordeeld tot betaling van onderzoeks- en proceskosten, waarbij het hof een redelijke kostenverdeling toepaste. Tenslotte werden enkele opgelegde contactverboden en kostenveroordelingen vernietigd wegens onvoldoende grondslag of onderbouwing. De kosten van beide instanties werden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Appellant sub 1 veroordeeld tot boete wegens schending relatiebeding; appellant sub 2 veroordeeld tot staken onrechtmatige concurrentie en gedeeltelijke kostenbetaling; overige vorderingen afgewezen.