ECLI:NL:GHARN:2007:BB1610
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.G.W. Stikkelbroeck
- P.C. Vegter
- P.R. Wery
- Rechtspraak.nl
Deels toewijzen vordering tot uitstel vervroegde invrijheidstelling wegens ernstige misdraging
Veroordeelde is veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht jaren wegens een levensdelict. Tijdens zijn detentie en terwijl hij onder elektronisch toezicht stond, heeft hij zich ernstig misdragen door betrokkenheid bij handel in verdovende middelen en het bezit van vuurwapens. Hiervoor werd hij veroordeeld tot een aanvullende gevangenisstraf van 28 maanden.
De officier van justitie vorderde dat de vervroegde invrijheidstelling geheel zou worden achterwege gelaten. Het hof oordeelde dat de ernst van de misdragingen en de aard van de feiten een gedeeltelijk achterwege blijven van de vervroegde invrijheidstelling rechtvaardigen. Echter, gezien het feit dat de misdragingen andersoortig zijn dan het oorspronkelijke levensdelict en dat veroordeelde blijk gaf van inzicht en bereidheid tot behandeling, werd het uitstel beperkt tot één jaar.
Het hof besloot daarom de vordering deels toe te wijzen en bepaalde dat de vervroegde invrijheidstelling pas één jaar na het vroegst mogelijke tijdstip zal plaatsvinden. Hiermee wordt een balans gezocht tussen het sanctioneren van ernstig wangedrag en het stimuleren van rehabilitatie.
Uitkomst: De vervroegde invrijheidstelling wordt uitgesteld tot één jaar na het vroegst mogelijke tijdstip.