ECLI:NL:GHARN:2007:BB6259
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Fokker
- Knottnerus
- Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontslag wegens arbeidsongeschiktheid zonder kennelijk onredelijke ontslagvergoeding
De werknemer, na een dienstverband van tien jaar en arbeidsongeschiktheid door griep, overspannenheid en een bedrijfsongeval, werd ontslagen zonder een substantiële ontslagvergoeding. Hij vorderde een vergoeding van €44.000 wegens kennelijk onredelijk ontslag. Het hof overwoog dat noch zijn leeftijd, noch de duur van het dienstverband, noch zijn arbeidsmarktperspectieven of de relatie tussen zijn arbeidsongeschiktheid en het werk tot een kennelijk onredelijk ontslag leiden.
De werknemer was gedeeltelijk arbeidsongeschikt en ontving een WAO-uitkering. Hij was na het bedrijfsongeval niet meer werkzaam bij de werkgever, die volgens arbeidsdeskundigen onvoldoende passende re-integratiemogelijkheden bood. De werknemer startte een eigen onderneming als zelfstandige. Het hof nam mee dat de werkgever zijn loondoorbetalingsverplichtingen had nagekomen en dat er geen verwijt was aan de werkgever voor de arbeidsongeschiktheid.
De vordering van de werknemer werd afgewezen en het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd. De werknemer werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het hof concludeerde dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was, ook niet gezien de omstandigheden van het geval en de jurisprudentie van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en oordeelt dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was, waardoor de vordering tot vergoeding wordt afgewezen.