ECLI:NL:GHARN:2007:BB8274
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- Mollema
- Breemhaar
- Hidma
- Streppel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kostenveroordeling en spoedeisend belang bij woonsituatie na vertrek uit gezamenlijke woning
In deze zaak stond centraal of appellante voldoende spoedeisend belang had bij voorzieningen met betrekking tot de gezamenlijke woning na haar vertrek met het kind. De kantonrechter had appellante niet-ontvankelijk verklaard op grond van een onjuiste vertrekdatum (november 2005 in plaats van november 2006).
Het hof stelde vast dat appellante en het kind de woning in november 2006 hadden verlaten en dat zij ruim binnen de termijn van zes maanden uit het samenlevingscontract haar vordering had ingesteld. Hierdoor was er wel degelijk spoedeisend belang bij de gevorderde voorzieningen, zodat de niet-ontvankelijkverklaring onjuist was.
De voorzieningen zelf behoefden geen inhoudelijke beoordeling omdat het geschil zich inmiddels beperkte tot de kosten van de procedure. Het hof oordeelde dat in situaties waarin partijen samenwoonden en een kind hebben, de kosten in beginsel volledig worden gecompenseerd, tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen.
Omdat geen afwijkende feiten waren gesteld, compenseerde het hof de kosten van de procedure in eerste aanleg alsnog volledig en belastte het de kosten van het hoger beroep ieder voor eigen rekening. De vorderingen van appellante werden afgewezen en het vonnis van de kantonrechter vernietigd.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis, wijst de voorzieningen af en compenseert de proceskosten volledig.