ECLI:NL:GHARN:2007:BB8565
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Katz-Soeterboek
- Van Loo
- Knottnerus
- Rechtspraak.nl
Handhaving concurrentiebeding na overgang notarispraktijk en beperking duur tot twee jaar
In deze zaak stond centraal of een concurrentiebeding van toepassing bleef na de inbreng van een notarispraktijk in een besloten vennootschap. Het hof oordeelde dat deze inbreng een overgang van onderneming vormt in de zin van artikel 7:662 BW Pro, waardoor het concurrentiebeding in beginsel blijft gelden. De ex-werknemer, die als chef de bureau werkte, stelde zich niet gebonden aan het beding omdat dit niet opnieuw schriftelijk was overeengekomen en omdat zij meende dat haar ontplooiingsmogelijkheden onvoldoende waren geboden.
Het hof verwierp deze verweren en stelde vast dat het concurrentiebeding geldig is, maar matigde de duur ervan tot twee jaar na beëindiging van het dienstverband. De geografische beperking binnen 25 kilometer werd als toereikend beschouwd en de algemene omschrijving van de werkzaamheden was voldoende gespecificeerd gezien de spilfunctie van de werknemer.
De ex-werknemer trad na beëindiging van haar dienstverband in dienst bij een directe concurrent binnen de geografische straal, wat in strijd is met het concurrentiebeding. Haar vorderingen tot schorsing van het beding en een vergoeding werden afgewezen. Het hof veroordeelde haar tot staking van werkzaamheden bij de concurrent en legde een dwangsom op met een maximum van €150.000. Tevens werd zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het concurrentiebeding is geldig en wordt gehandhaafd met een duurbeperking tot twee jaar; de werknemer wordt veroordeeld tot staking van werkzaamheden bij de concurrent.