ECLI:NL:GHARN:2007:BC0210
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Wammes
- Van Gelder
- Van der Wiel-Rammeloo
- Rechtspraak.nl
Geen hoger beroep mogelijk tegen tussentijdse aanhouding omgangsregeling grootouders
De grootouders zijn in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Arnhem waarin de zaak betreffende een omgangsregeling voor hun kleinkinderen voor langere tijd is aangehouden. Zij verzoeken het hof de beschikking te vernietigen en alsnog een omgangsregeling vast te stellen, dan wel een informatieregeling.
De rechtbank had de vader en stiefmoeder gezamenlijk met het gezag over de kinderen belast. Het verzoek van de grootouders tot omgang was eerder afgewezen en de zaak was aangehouden tot een nader te bepalen datum in maart 2008 om rust en stabiliteit in het samengestelde gezin te verkrijgen.
Het hof oordeelt dat de beschikking van de rechtbank een tussentijdse, interlocutoire beschikking betreft waartegen geen hoger beroep openstaat. De grootouders zijn daarom niet-ontvankelijk in hun beroep. Ook het betoog van onredelijke vertraging wordt verworpen omdat de aanhoudingsperiode redelijk is gezien de gezinssituatie.
De kosten van de procedure worden gecompenseerd, zodat iedere partij zijn eigen kosten draagt. De beschikking is uitgesproken door het hof Arnhem op 6 november 2007.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de grootouders niet-ontvankelijk omdat het een tussentijdse beschikking betreft waartegen geen beroep openstaat.