ECLI:NL:GHARN:2007:BC3139
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van Loo
- Knottnerus
- Duitemeijer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake arbeidsongeschiktheid en kennelijk onredelijk ontslag
In deze zaak stond de vraag centraal of de arbeidsongeschiktheid van appellant in overwegende mate was veroorzaakt door de werkzaamheden die More aan hem had opgedragen, en of het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege onvoldoende re-integratie-inspanningen.
Het hof oordeelde dat de psychische aandoening van appellant betrekking had op zijn gehele persoonlijke situatie en niet in rechtens relevante mate was veroorzaakt door zijn werkzaamheden. Diverse overgelegde stukken, waaronder verslagen van besprekingen en een verwijzing van de bedrijfsarts, konden dit niet aantonen. More had zich voldoende ingespannen om appellant te re-integreren, ondanks dat deze zich na een korte werkhervatting weer ziek meldde.
De grieven die stelden dat het ontslag kennelijk onredelijk was wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen, faalden. Het hof vernietigde de eerdere vonnissen en veroordeelde More tot betaling van €21.900,56 met wettelijke rente aan appellant. De overige vorderingen werden afgewezen en de proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: More wordt veroordeeld tot betaling van €21.900,56 aan appellant, overige vorderingen worden afgewezen.