ECLI:NL:GHARN:2007:BC3146
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Steeg
- Dozy
- Van Acht
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake terugvordering verzekeringsuitkering wegens ontbreken geldig Nederlands rijbewijs
Appellant sloot een autoverzekering af bij Achmea (voorheen FBTO) waarbij hij zelf als bestuurder optrad. Tijdens een ongeval op 2 februari 2004 bleek appellant niet in het bezit te zijn van een geldig Nederlands rijbewijs, maar slechts een Somalisch rijbewijs. Achmea betaalde een schadevergoeding aan een derde en vorderde dit bedrag vervolgens terug van appellant op grond van artikel 6 van Pro de polisvoorwaarden, dat dekking uitsluit indien de feitelijke bestuurder niet over een geldig rijbewijs beschikt.
Appellant stelde dat hij niet wist dat een Nederlands rijbewijs vereist was en dat het aanvraagformulier niet expliciet vroeg naar een Nederlands rijbewijs. Ook voerde hij aan dat artikel 6 geen Pro kernbeding zou zijn en dat de polisvoorwaarden hem niet ter hand waren gesteld. Het hof oordeelde dat het voor een verzekeringnemer die zelf als bestuurder optreedt een feit van algemene bekendheid is dat een geldig Nederlands rijbewijs vereist is voor verzekeringsdekking.
Het hof stelde vast dat appellant het aanvraagformulier door een collega had laten invullen en dat hij de polis en voorwaarden zonder protest had behouden. De uitsluiting in artikel 6 van Pro de polis is een duidelijke en begrijpelijke beperking van de dekking en behoort tot de kernbedingen van een WAM-verzekering. Het beroep van appellant op niet-ontvangst van de polisvoorwaarden werd niet gehandhaafd.
Het hof verklaarde appellant niet-ontvankelijk in het hoger beroep, bekrachtigde het vonnis van de rechtbank Zutphen en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en verklaart appellant niet-ontvankelijk in het hoger beroep.