ECLI:NL:GHARN:2008:BC3402
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Y.A.J.M. van Kuijck
- R.C. van Houten
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking wegens onvoldoende aanwijzingen voor rechterlijke vooringenomenheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de voorzitter en de jongste raadsheer van het hof, stellende dat zij zich kritisch en vijandig hadden uitgelaten, wat een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid zou rechtvaardigen.
Het hof beoordeelde de opmerkingen van de raadsheren, waaronder een opmerking over gokverslaving en twijfel aan de geloofwaardigheid van verdachte, als ongebruikelijk sterk maar niet als bewijs van vooringenomenheid. Verdachte kreeg ruimschoots gelegenheid om zijn verklaring toe te lichten.
Het hof concludeerde dat de opmerkingen geen zwaarwegende aanwijzingen bevatten dat de raadsheren het tenlastegelegde als bewezen beschouwden of vooringenomen waren. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen als ongegrond.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de voorzitter en jongste raadsheer is afgewezen wegens ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.