ECLI:NL:GHARN:2008:BC5005
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.C. van Houten
- B.P.J.A.M. van der Pol
- L.E.M. Hendriks
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens illegale afvalstoffeninrichting zonder vergunning in Borne
Verdachte werd ten laste gelegd dat hij in de periode van 1 mei 2005 tot en met 28 december 2005 in de gemeente Borne zonder vergunning een afvalstoffeninrichting in werking had. De gemeente had volgens verdachte jarenlang gedoogd, maar het hof acht dit niet aannemelijk omdat er geen schriftelijke afspraken waren en de gemeente eerst probeerde de situatie bestuurlijk op te lossen.
Het hof vernietigde het vonnis van de economische politierechter en deed opnieuw recht. Het verweer van verdachte tot vrijspraak werd verworpen op basis van wettige bewijsmiddelen. Het bewezenverklaarde werd gekwalificeerd als een opzettelijke overtreding van artikel 8.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer.
De raadsvrouw van verdachte voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden omdat in vergelijkbare zaken alleen voorwaardelijke geldboetes werden opgelegd, maar dit werd verworpen wegens onvoldoende vergelijkbaarheid. Het hof legde een geldboete van 800 euro op, waarvan 600 euro voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en vervangende hechtenis bij niet-betaling.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 800 euro, waarvan 600 euro voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, wegens het opzettelijk zonder vergunning in werking hebben van een afvalstoffeninrichting.