ECLI:NL:GHARN:2008:BC6205
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- G. Mintjes
- H. Abbink
- P.H.A.J. Cremers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen internationale handel softdrugs en poging cocaïnelijn opzetten
In deze strafzaak heeft het Gerechtshof Arnhem het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Arnhem. Verdachte werd beschuldigd van medeplegen van het internationaal importeren en exporteren van grote hoeveelheden softdrugs, alsmede van het voorbereiden van een cocaïnelijn vanuit Zuid-Amerika naar Nederland. Daarnaast werd hem het bezit van een vervalste identiteitskaart ten laste gelegd.
Het hof achtte bewezen dat verdachte betrokken was bij het organiseren van het transport van circa 320 kilogram hasjiesj naar Finland en circa 86 kilogram hasjiesj vanuit Zwitserland naar Nederland. Tevens werd bewezen verklaard dat verdachte samen met anderen pogingen had ondernomen om een cocaïnelijn op te zetten. Verdachte werd vrijgesproken van het valselijk opmaken van documenten en deelname aan criminele organisaties, omdat het bewijs daarvoor onvoldoende was.
Het hof baseerde zijn oordeel op diverse bewijsmiddelen waaronder observatieprocessen-verbaal, afgeluisterde telefoongesprekken en verklaringen van medeverdachten. Het hof verwierp de verweren van de verdediging omtrent de betrouwbaarheid van het bewijs en kwalificeerde het handelen van verdachte als medeplegen.
De strafoplegging bestond uit een gevangenisstraf van vijf jaar en een geldboete van €5.674,77, waarbij de reeds door verdachte doorgebrachte voorlopige hechtenis in mindering werd gebracht. Het hof benadrukte de ernst van de feiten en de maatschappelijke schade door de drugsmarkt. De inbeslaggenomen voorwerpen werden deels aan het verkeer onttrokken en deels teruggegeven.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf en een geldboete voor medeplegen van internationale softdrugshandel en poging tot cocaïnelijn.