ECLI:NL:GHARN:2008:BC7519
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Makkink
- Vaessen
- Strens-Meulemeester
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake zettingschade door grondwateronttrekking in Heerenveen
Appellanten, eigenaren van panden in Heerenveen, vorderen schadevergoeding van de Provincie Friesland wegens zettingsschade veroorzaakt door grondwateronttrekking in het kader van bodemsanering van een voormalig gasfabrieksterrein. De Provincie had een vergunning voor grondwateronttrekking, maar hield zich niet volledig aan de vergunningsvoorwaarden, met name inzake het monitoren van grondwaterstanden en het voorkomen van daling onder het minimale peil van –1,50 m NAP.
De rechtbank wees de vorderingen af wegens onvoldoende bewijs van causaal verband tussen grondwateronttrekking en schade. In hoger beroep wordt de vraag gesteld of de bewijslast op de Provincie moet worden gelegd vanwege de gebrekkige registratie van meetgegevens en het feit dat appellanten niet zelf over deze gegevens konden beschikken.
Het hof oordeelt dat de Provincie als vergunninghouder bekend was met het risico op zettingsschade en verplicht was nauwkeurige meetgegevens te verzamelen en beschikbaar te stellen. Door het niet naleven van deze verplichtingen is het voor appellanten onmogelijk om het causaal verband aan te tonen. Het hof stelt de stukken in handen van partijen en geeft de Provincie de gelegenheid aanvullende meetgegevens te overleggen. De zaak wordt aangehouden voor nadere behandeling en deskundigenrapportage.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden voor nadere gegevens en deskundigenrapportage over het causaal verband tussen grondwateronttrekking en zettingsschade.