ECLI:NL:GHARN:2008:BC7551
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Steeg
- Vaessen
- Van Acht
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid advocaat wegens tekortschieten in rechtsbijstand bij faillissementsaanvraag Omnivent B.V.
Vijf schuldeisers vroegen op 25 februari 2004 het faillissement aan van Omnivent B.V. Omnivent schakelde het advocatenkantoor van geïntimeerde in voor rechtsbijstand. Ondanks een faxbrief van 10 maart 2004 waarin een aanhouding van de faillissementszitting werd bevestigd, werd Omnivent op 11 maart 2004 failliet verklaard omdat de aanvragers persisteerden en Omnivent niet aanwezig was.
De advocaat mr. B. had niet de passende maatregelen getroffen om Omnivent te beschermen tegen het risico van een faillietverklaring, zoals het instrueren van een advocaat ter plaatse of het waarschuwen van de bestuurder. Pogingen om rechtstreeks contact met de rechter te zoeken waren inadequaat.
Het hof oordeelt dat de advocaat toerekenbaar tekortgeschoten is in zijn verbintenis tot het verlenen van deugdelijke rechtsbijstand. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank Zutphen en veroordeelt geïntimeerde tot schadevergoeding en terugbetaling van proceskosten. De omvang van de schade wordt vastgesteld in een schadestaatprocedure.
Het hof benadrukt dat een advocaat zich niet mag beperken tot de wensen van de cliënt, maar zelfstandig moet beoordelen wat nuttig is en onnodige risico’s moet vermijden. De situatie van Omnivent was zodanig dat een aanhouding van het faillissementsrekest mogelijk was geweest indien de advocaat adequaat had gehandeld.
De curator heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat Omnivent de schuldeisers zou hebben voldaan indien het faillissementsrekest was aangehouden. Het beroep van geïntimeerde op schadebeperking faalt omdat verzet tegen het faillissement zinloos was.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de advocaat tot schadevergoeding wegens tekortschieten in rechtsbijstand bij de faillissementsaanvraag van Omnivent.