ECLI:NL:GHARN:2008:BD1252
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van der Weij
- Groen
- Vaessen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afgewezen inzake toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling na fraudeschuld en strafrechtelijke veroordeling
Appellant heeft bij de rechtbank Arnhem verzocht om toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling, maar dit verzoek werd afgewezen vanwege een fraudeschuld die was ontstaan door het verzwegen samenwonen met zijn partner en het ontbreken van goede trouw. Appellant ging in hoger beroep en verzocht het hof het vonnis te vernietigen en alsnog toepassing van artikel 287a Faillissementswet toe te passen.
Het hof oordeelde dat een verzoek op grond van artikel 287a Fw niet voor het eerst in hoger beroep kan worden gedaan en dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij te goeder trouw was met betrekking tot de fraudeschuld. Daarnaast speelde mee dat appellant een strafrechtelijke veroordeling had wegens ontucht met zijn dochter en een verplichte therapie moest ondergaan, wat zijn vermogen om aan de verplichtingen van de schuldsaneringsregeling te voldoen in de weg staat.
Het hof concludeerde dat er onvoldoende bijzondere omstandigheden waren om het verzoek alsnog toe te wijzen en bekrachtigde het vonnis van de rechtbank. Hierdoor blijft appellant buiten de wettelijke schuldsaneringsregeling en blijft hij gehouden aan zijn schuldenlast van ruim €44.000.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling.