ECLI:NL:GHARN:2008:BD5785
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- C.G. Nunnikhoven
- B.P.J.A.M. van der Pol
- A.P. Besier
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep brandstichting woning met gemeen gevaar voor goederen
Verdachte werd verdacht van het opzettelijk stichten van twee branden in zijn woning, waarbij gemeen gevaar voor goederen buiten het pand ontstond. Na uitgebreid onderzoek, waaronder meerdere descente en het horen van getuigen en deskundigen, oordeelde het hof dat de redelijke termijn niet was overschreden en dat het onderzoek niet ondeugdelijk was.
Het hof verwierp de verdediging dat de branden veroorzaakt konden zijn door een defect in de elektrische installatie en concludeerde dat de aanwezigheid van thinner/verfverdunner als brandversnellend middel vaststond. Tevens vond het hof dat verdachte geen juiste verklaring gaf over zijn handelen vlak voor de branden, mede gelet op inconsistenties over zijn schoeisel en de staat van zijn bed.
Op grond van de bewijsmiddelen achtte het hof bewezen dat verdachte de branden opzettelijk heeft gesticht en dat hierdoor gemeen gevaar voor goederen buiten het pand ontstond. Gelet op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte legde het hof een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden op.
Het hof verklaarde het Openbaar Ministerie ontvankelijk, vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht, waarbij verdachte werd veroordeeld zoals hierboven vermeld.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden wegens opzettelijke brandstichting met gemeen gevaar voor goederen.