ECLI:NL:GHARN:2008:BD6160
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.H.A. Fransen
- H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
- P.W.J. Sekeris
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen poging tot moord op echtgenoot met medicijntoediening en messteek
Het gerechtshof Arnhem heeft op 3 juli 2008 het hoger beroep behandeld tegen de verdachte die werd beschuldigd van medeplegen van poging tot moord op haar echtgenoot. Verdachte had samen met haar medeverdachte, met wie zij een buitenechtelijke relatie had, haar echtgenoot versuft met oxazepam en vervolgens in zijn keel/hals gesneden. De rechtbank had haar reeds veroordeeld, maar het hof vernietigde dit vonnis en deed zelf uitspraak.
De verdediging voerde aan dat sprake was van vrijwillige terugtred omdat verdachte na het steken de woning niet verliet en zelf het alarmnummer belde. Het hof verwierp dit verweer omdat verdachte eerst de woning verliet en pas na tussenkomst van de oudste zoon het alarmnummer belde. Het misdrijf was niet voltooid door omstandigheden buiten de wil van verdachte.
Psychologisch en psychiatrisch onderzoek toonde aan dat verdachte ten tijde van het misdrijf een geestelijke stoornis had, waardoor het feit haar slechts in enigszins verminderde mate kon worden toegerekend. Het hof hield rekening met de ernst van het feit, het leed voor het slachtoffer en de kinderen, en de psychische toestand van verdachte bij de strafoplegging.
Het hof veroordeelde verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van negen jaren, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis in mindering werd gebracht. Tevens werd een schadevergoeding van € 2.052,28 toegewezen aan het slachtoffer, met hoofdelijkheid tussen verdachte en haar mededader. Het hof zag geen aanleiding voor een hogere straf zoals door de advocaat-generaal gevorderd.
De uitspraak werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Arnhem, met als voorzitter H.H.A. Fransen en rechters H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg en P.W.J. Sekeris.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van poging tot moord en tot betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer.