ECLI:NL:GHARN:2008:BD8971
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Y.A.J.M. van Kuijck
- J.M.J. Denie
- A. van Waarden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot achterwege laten vervroegde invrijheidstelling wegens onvoldoende bewijs poging tot doodslag
Het gerechtshof Arnhem behandelde op 16 juli 2008 de vordering van de advocaat-generaal om de vervroegde invrijheidstelling van veroordeelde achterwege te laten. Veroordeelde was veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf en werd verdacht van poging tot doodslag tijdens een onttrekking aan de tenuitvoerlegging van zijn straf op 26 oktober 2007.
Tijdens de procedure kwam een rapport van het Nederlands Forensisch Instituut aan het licht waarin werd geconcludeerd dat de hulzen gevonden bij het schietincident waarschijnlijk niet afkomstig waren van het vuurwapen dat bij veroordeelde was gevonden. Dit vuurwapen werd vermoedelijk gebruikt bij een eerder schietincident terwijl veroordeelde toen in detentie zat. Verder was geen nieuwe informatie in de strafzaak binnengekomen.
Het hof oordeelde dat er onvoldoende grondslag was om te concluderen dat sprake was van een ernstige misdraging zoals bedoeld in artikel 15a, eerste lid, aanhef en onder c, van het Wetboek van Strafrecht. Ook achtte het hof onvoldoende aannemelijk dat een strafrechter later tot een veroordeling wegens poging tot doodslag zal komen. Daarom wees het hof de vordering van de advocaat-generaal af en liet de vervroegde invrijheidstelling van veroordeelde ongewijzigd.
Uitkomst: De vordering tot het achterwege laten van de vervroegde invrijheidstelling is afgewezen wegens onvoldoende bewijs voor poging tot doodslag.