ECLI:NL:GHARN:2008:BE0213
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Valk
- Wesseling-Lubberink
- Veling
- ing. De Lorijn
- ir. Roelofsen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling indeplaatsstelling en belang pachter bij voortzetting van pacht
In deze zaak stond de indeplaatsstelling centraal, waarbij het belang van de pachter bij voortzetting van de pacht slechts beperkt aan de orde is in de indeplaatsstellingsprocedure. Het hof benadrukte dat het belang van de pachter vooral in de verlengings- of beëindigingsprocedure beoordeeld wordt.
De zoon van geïntimeerde sub 1, die de exploitatie van het gepachte voortzet, heeft voldoende theoretische en praktische scholing en ervaring om het bedrijf te runnen. Zijn initiatief tot het inrichten van een boerderijcamping, waarvoor toestemming was gegeven, werd als een belangrijke niet-agrarische activiteit meegewogen in de beoordeling van de rentabiliteit.
Appellanten voerden aan dat het wegvallen van het melkquotum en het niet meetellen van de campingopbrengsten reden waren om indeplaatsstelling te weigeren, maar het hof verwierp deze grieven. Ook het verzoek om de indeplaatsstelling te beperken tot een deel van het gepachte werd afgewezen omdat de wet geen wijziging of beperking van het object van de pachtovereenkomst in de indeplaatsstellingsprocedure toestaat.
Het hof veroordeelde appellanten in de kosten van het hoger beroep en verklaarde het arrest uitvoerbaar bij voorraad. Het arrest werd gewezen door vijf raadsheren en uitgesproken op 13 mei 2008.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het beroep van appellanten af inzake indeplaatsstelling.