ECLI:NL:GHARN:2008:BG3552
Gerechtshof Arnhem
- Mondelinge uitspraak
- C.G. Nunnikhoven
- R.C. van Houten
- D.R. Doorenbos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens illegale lozing van afvalstoffen in oppervlaktewater
Verdachte werd beschuldigd van het zonder vergunning lozen van verontreinigende stoffen, waaronder slib vermengd met een gele vloeistof, in een C-watergang op een perceel landbouwgrond te Wamel. Daarnaast werd hem ten laste gelegd dat hij zich ontdaan had van aardappelrestanten en kiezelstenen door deze buiten een inrichting te storten of in de bodem te brengen.
Het hof heeft het verweer van verdachte tot vrijspraak verworpen op basis van getuigenverklaringen en andere bewijsmiddelen. Het hof achtte bewezen dat verdachte opzettelijk handelde in strijd met de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de Wet milieubeheer.
Het vonnis van de economische politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht. De straf bestond uit een geldboete van 1800 euro, waarvan een deel niet ten uitvoer wordt gelegd tenzij verdachte binnen een proeftijd van twee jaar opnieuw een strafbaar feit pleegt. Bij niet-betaling wordt de boete vervangen door hechtenis.
Het arrest werd gewezen door het Gerechtshof Arnhem op 18 maart 2008 na behandeling van het hoger beroep dat was ingesteld tegen het vonnis van 26 februari 2007 van de rechtbank Arnhem.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 1800 euro, deels omgezet in hechtenis bij niet-betaling.