ECLI:NL:GHARN:2009:BH1167
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- O. Anjewierden
- G. Dam
- J.A. Wiarda
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel flessentrekkerij
Veroordeelde is in eerste aanleg veroordeeld voor medeplegen van flessentrekkerij, waarbij hij samen met anderen levensmiddelen heeft gekocht met de bedoeling deze niet te betalen. In eerste aanleg werd het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €116.886,44, met een betalingsverplichting aan de Staat van hetzelfde bedrag.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd en het voordeel opnieuw vastgesteld. Het hof baseert de berekening op de gefactureerde waarde van de goederen, niet op de opbrengst van doorverkoop, en houdt geen kosten in mindering omdat deze onvoldoende aannemelijk zijn gemaakt.
Het voordeel wordt pondspondsgewijs toegerekend aan de plegers, waarbij voor de bedrijven [bedrijf 1] en [bedrijf 2] het voordeel wordt verdeeld over twee deelnemers, en voor [bedrijf 3] en [bedrijf 4] over zes deelnemers. Na verrekening van toegewezen vorderingen van benadeelden wordt het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €192.350,41. Veroordeelde wordt verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het voordeel.
Uitkomst: Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt vastgesteld op €192.350,41 en veroordeelde wordt verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen.