ECLI:NL:GHARN:2009:BH3507
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
- P. Koolschijn
- A.J. Rietveld
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep mishandeling met ijzeren staaf leidt tot geldboete
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor mishandeling, waarbij hij een persoon met een ijzeren staaf had geslagen. In hoger beroep oordeelt het hof dat het primair ten laste gelegde niet bewezen is, maar het subsidiair ten laste gelegde mishandeling wel.
Op 20 juni 2007 sloeg verdachte het slachtoffer met een ijzeren staaf in het gezicht, de arm en de rug, waardoor het slachtoffer letsel en pijn ondervond. Het hof acht verdachte strafbaar en wijst strafuitsluitingsgronden af.
Bij de strafoplegging houdt het hof rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden en het ontbreken van eerdere soortgelijke veroordelingen. Het hof legt een geldboete van €250 op, met een vervangende hechtenis van vijf dagen bij niet-betaling. Het vonnis van de politierechter wordt vernietigd en het hof doet opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van het primair ten laste gelegde en veroordeeld tot een geldboete van €250 voor mishandeling met vervangende hechtenis bij niet-betaling.