ECLI:NL:GHARN:2009:BH6829
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Mollema
- Rowel-Van der Linde
- Kuiper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis over contractspartij en bewijslevering in bouwovereenkomst
In deze zaak stond centraal de vraag wie de contracterende wederpartij was bij een bouwovereenkomst gesloten op 21 mei 2005. Appellant voerde tegenbewijs aan tegen het voorlopige oordeel van het hof dat geïntimeerden met hem hadden gecontracteerd en niet met FML Beheer B.V., handelend onder de naam Westerdok.
Appellant heeft zelf en via zijn echtgenote getuigenverklaringen ingebracht om aan te tonen dat geïntimeerden op de hoogte waren van de contractspartij. Geïntimeerden hebben eveneens getuigenverklaringen afgelegd en producties overgelegd, waaronder een bouwvergunning en een vonnis van een eerdere procedure.
Het hof oordeelde dat de verklaringen van de echtgenote van appellant geen steun boden voor diens stelling en dat de verklaringen van geïntimeerden en de overgelegde bouwaanvraag eerder hun standpunt bevestigden. Contacten na de contractsdatum waren niet relevant voor het bewijs. Ook de schriftelijke verklaring van de broer van appellant werd niet van belang geacht.
Uiteindelijk concludeerde het hof dat appellant niet is geslaagd in het leveren van het tegenbewijs. Het vonnis waarvan beroep werd bekrachtigd en appellant werd veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellant in de kosten van het geding in hoger beroep.