ECLI:NL:GHARN:2009:BI0992
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor valsheid in geschrift en opzettelijk nalaten verstrekken gegevens bij uitkering
Het gerechtshof Arnhem heeft het hoger beroep behandeld van een verdachte die werd beschuldigd van meermalen valsheid in geschrift en het opzettelijk nalaten tijdig verstrekken van gegevens aan de Sociale Verzekeringsbank in verband met een uitkering op grond van de Algemene Nabestaandenwet.
Het hof achtte bewezen dat de verdachte in de periode van november 2001 tot oktober 2002 valselijk heeft verklaard niet samen te wonen met een medeverdachte, waardoor zij ten onrechte een inkomensafhankelijke nabestaandenuitkering ontving. Tevens werd vastgesteld dat zij in de periode van oktober 2002 tot april 2006 opzettelijk de inlichtingenverplichting niet is nagekomen.
De rechtbank had de verdachte reeds veroordeeld, maar het hof vernietigde het vonnis en deed opnieuw recht. Het hof legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden met een proeftijd van twee jaar op, gecombineerd met een werkstraf van 40 uur, subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis.
Het hof motiveerde de straf mede vanwege het misbruik van het sociale zekerheidsstelsel en het schaden van het vertrouwen in maatschappelijke geschriften. Verdachte had geen eerdere veroordelingen, wat meewoog bij de strafmaat.
De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot drie maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en 40 uur werkstraf wegens valsheid in geschrift en nalaten verstrekken gegevens.