ECLI:NL:GHARN:2009:BI4463
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- G. Dam
- J. Hielkema
- G.J. Niezink
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot taakstraf wegens diefstal grasmaaier ondanks bewijsuitsluiting verweer
De verdachte werd in hoger beroep geconfronteerd met twee tenlasteleggingen: diefstal van een grasmaaier en het verwerven van een vermoedelijk door misdrijf verkregen fiets. De verdediging voerde aan dat het bewijs onrechtmatig was verkregen, omdat er bij het aantreffen van de goederen geen redelijk vermoeden van schuld bestond en de bekennende verklaring onrechtmatig zou zijn.
Het hof oordeelde dat het onderzoek naar de herkomst van de goederen op basis van de Politiewet rechtmatig was uitgevoerd en dat de bekennende verklaring niet onrechtmatig was verkregen. De verdachte werd vrijgesproken van het tweede feit, omdat onvoldoende bewijs bestond dat hij wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat de fiets door misdrijf was verkregen.
Voor het eerste feit werd de verdachte schuldig bevonden aan diefstal gepleegd door twee of meer verenigde personen. Gezien zijn recidive, maar het ontbreken van eerdere taakstraffen, legde het hof een taakstraf van 40 uur op met een vervangende hechtenis van 20 dagen bij niet-naleving. De tijd in verzekering werd in mindering gebracht.
Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht, waarbij het bewijsuitsluitingsverweer werd verworpen en de verdachte werd veroordeeld voor het bewezen verklaarde feit.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 40 uur voor diefstal van een grasmaaier en vrijgesproken van heling van een fiets.