ECLI:NL:GHARN:2009:BI6861
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Janse
- Zandbergen
- Tjallema
- Rechtspraak.nl
Betaling courtage na bemiddeling bij aandelentransactie bevestigd door Gerechtshof Arnhem
In deze civiele zaak stond centraal of Caprice Real Estate B.V. (Caprice) aan Corporate Investment Group B.V. (CIG) courtage verschuldigd was voor bemiddeling bij de aankoop van aandelen. CIG stelde dat zij via haar bemiddelaar contact tot stand had gebracht tussen koper en verkoper, hetgeen Caprice betwistte.
Het hof heeft uitgebreid getuigenverklaringen onderzocht, waaronder die van direct betrokkenen bij de bemiddeling en de verkoper. De verklaringen van CIG's vertegenwoordigers werden door het hof als geloofwaardig beoordeeld, terwijl de tegenverklaringen van Caprice en haar bemiddelaars deels vaag en tegenstrijdig waren. Het hof concludeerde dat de bemiddelingsovereenkomst niet was ontbonden en dat de transactie mede dankzij de bemiddeling van CIG tot stand was gekomen.
De rechtbank vernietigde het eerdere vonnis en veroordeelde Caprice tot betaling van de gevorderde courtage, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 24 november 2006. Tevens werd Caprice veroordeeld in de proceskosten van beide instanties. Een vordering tot ontbinding van de overeenkomst werd afgewezen wegens gebrek aan grondslag.
Het arrest benadrukt dat de courtagebetaling door de verkoper aan de bemiddelaar niet impliceert dat de bemiddelaar namens de verkoper optrad. De rol van een andere bemiddelaar deed niets af aan de door CIG geleverde bemiddeling. De vordering tot nakosten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Caprice is veroordeeld tot betaling van courtage aan CIG met wettelijke handelsrente vanaf 24 november 2006.