ECLI:NL:GHARN:2009:BI7027
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.J. Deuring
- S.H. Wachter
- A.J. Rietveld
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplegen uitvoer en voorbereiding handel heroïne wegens onvoldoende bewijs
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van de uitvoer van ongeveer zeven kilogram heroïne en medeplegen van voorbereidingshandelingen van handel in heroïne. De rechtbank Zwolle-Lelystad sprak verdachte in eerste aanleg volledig vrij. De officier van justitie ging hiertegen in hoger beroep.
Het hof Arnhem oordeelde dat de officier van justitie ten aanzien van twee van de ten laste gelegde feiten niet-ontvankelijk was wegens gebrek aan belang, omdat geen duidelijke grieven waren aangevoerd en de advocaat-generaal vrijspraak vorderde. Ten aanzien van de overige feiten oordeelde het hof dat uit het dossier, waaronder telefoontaps en observatieverslagen, onvoldoende bleek dat verdachte daadwerkelijk betrokken was bij de hem ten laste gelegde feiten.
Het hof wijzigde de tenlastelegging conform de vordering van de advocaat-generaal, maar achtte de bewezenverklaring niet mogelijk. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd voor zover vatbaar voor hoger beroep en het hof sprak verdachte vrij van de feiten die hem ten laste waren gelegd. Hiermee kwam een einde aan de vervolging wegens medeplegen van uitvoer en voorbereiding van handel in heroïne.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van medeplegen uitvoer en voorbereiding handel in heroïne.