ECLI:NL:GHARN:2009:BJ1306
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Mintjes
- Stolwerk
- Rutgers van der Loeff
- Rechtspraak.nl
Beëindiging terbeschikkingstelling wegens afgenomen delictgevaar en disproportionaliteit
Het gerechtshof Arnhem heeft op 30 juni 2009 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen de verlenging van de terbeschikkingstelling van een betrokkene die sinds 1994 onder deze maatregel viel wegens diefstal met bedreiging van geweld. De rechtbank had op 18 november 2008 de terbeschikkingstelling met één jaar verlengd, maar het hof vernietigt deze beslissing en wijst de vordering tot verlenging met twee jaar af.
Het hof baseert zijn oordeel op een uitgebreide beoordeling van het tijdsverloop van meer dan vijftien jaar, de ernst van het oorspronkelijke delict, de aard van de persoonlijkheidsstoornis (NAO met antisociale en borderline trekken) en het actuele recidivegevaar. Uit de deskundigenverklaringen blijkt dat het risico op herhaling van een dergelijk delict op korte termijn matig is en dat betrokkene zich de laatste jaren heeft onthouden van drugsgebruik en ernstig gewelddadig gedrag.
De kliniek heeft aangegeven een consultatiefunctie te willen vervullen bij beëindiging van de maatregel, hoewel de reclassering geen ondersteuning kan bieden. Betrokkene heeft een stabiele thuissituatie met zijn partner, een WSW-status en uitzicht op vrijwilligerswerk en een WAJONG-uitkering. Gezien deze omstandigheden acht het hof verlenging disproportioneel en beëindigt het de terbeschikkingstelling.
Het vonnis benadrukt het belang van een zorgvuldige belangenafweging tussen de maatschappij en de betrokkene, waarbij na langdurige maatregel het belang van de betrokkene zwaarder weegt. De beslissing is in het openbaar uitgesproken door de kamer van het hof met drie raadsheren en twee raden.
Uitkomst: De verlenging van de terbeschikkingstelling wordt afgewezen en de maatregel wordt beëindigd.